Veranderde btw-kantineregeling

Het verstrekken van spijzen en dranken in de kantine van (onder meer) een voetbalvereniging, staat sinds 1 januari 2013 voor wat betreft de btw-heffing te boek als een ‘levering’. Voorheen werd dit aangemerkt als een ‘(fondswervende) dienst’. Dit komt erop neer dat in veel gevallen een vereniging niet langer btw kan aftrekken bij investerings- en exploitatiekosten gerelateerd aan de kantine.

Voorheen gold het volgende. Als inkomsten uit kantineverstrekkingen, samen met de inkomsten uit bijkomende diensten zoals sponsoring, minder waren dan € 31.765 per jaar, dan was sprake van ‘btw-vrijgestelde prestaties’. Waren deze opbrengsten hoger, dan was er in beginsel wél sprake van btw-belaste prestaties. In het eerste geval bestond er ook geen ‘btw-aftrekrecht’, in het tweede geval wel.

Wat is btw-aftrekrecht?
Dit aftrekrecht heeft betrekking op de btw die de club betaalt voor bijvoorbeeld exploitatie- en investeringskosten (zoals nieuwbouw) specifiek voor de kantine. Simpel gezegd: als de vereniging btw betaalt over de omzet uit de kantineopbrengsten (eten en drinken) dan mag de vereniging aan de andere kant ook de inkoop-btw van de investerings- en exploitatiekosten aftrekken.

Kiezen wat gunstigst is
Als sportverenigingen de kantine-omzet het liefst buiten de btw-heffing wilden houden, dan kon dat via de ‘kantineregeling’ nog bij een omzet van maximaal € 68.067 per jaar. In die gevallen bestond dus ook geen btw-aftrekrecht. In veel gevallen wilden verenigingen met een omzet van tussen € 31.765 en € 68.067 per jaar echter juist dit btw-aftrekrecht behouden. Reden: vooral bij nieuwbouw van kantines kon het gunstiger uitpakken om te kiezen voor btw-heffing over de kantine-omzet, aangezien aan de andere kant de aftrek van btw op de investerings- en exploitatiekosten – simpel gesteld – hoger was.

Sinds 1 januari verplicht btw-vrij
Nu de genoemde kantineverstrekkingen per 1 januari 2013 worden aangemerkt als ‘(fondswervende) leveringen’, zijn deze verplicht vrijgesteld van btw als de kantineontvangsten, samen met de overige fondswervende leveringen, in totaal niet méér bedragen dan € 68.067 per jaar. Ofwel: in deze gevallen kunnen verenigingen dus evenmin inkoop-btw aftrekken bij investerings- en exploitatiekosten.

Overgangsregeling (1)
Er is wel een overgangsregeling. Dit houdt in dat onder meer verenigingen die vóór 2013 investeringen in de kantine hebben gedaan (waarvoor de herzieningstermijn nog niet is verstreken), toch de kantineontvangsten in de btw kunnen blijven betrekken. Voorwaarde is dat het totaal van de kantineontvangsten samen met de fondsenwervende diensten van de sportvereniging per jaar méér bedragen dan € 31.765 en minder dan € 68.067. In deze gevallen mag de vereniging, uiterlijk tot de herzieningstermijn is verstreken, btw blijven aftrekken op de betreffende kosten en investeringen.

Overgangsregeling (2)
De overgangsregeling geldt ook als vóór 1 januari 2013 een overeenkomst is gesloten voor de levering van een investeringsgoed (bijvoorbeeld een nieuwe kantine), maar dit niet vóór 1 januari in gebruik is genomen en er ook nog geen uitgaven zijn gedaan. Verder geldt de overgangsregeling als er vóór 2013 een overeenkomst is gesloten voor de verbouwing van een kantine die wordt – of is – afgerond ná 31 december 2012, en die in feite geen levering is maar een dienst, omdat er geen nieuw goed is ontstaan.

Via Veranderde btw-kantineregeling | Voetbal.nl | amateurvoetbal bestuurders.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s